Fantasie of traditie: een zoektocht naar essentie

 
 

Door: Vera Van den Berghe
In beknoptere versie gepubliceerd in 'Danspunt', september 2005
In juni 2009 verschenen in het internetblad Raqs wa Risala (buikdansen.web-log.nl)

 

Hoe belangrijk zijn cultuur, achtergronden, betekenissen, uiterlijke kenmerken in de techniciteit van een dans? Waarin ligt de ziel van de dans? Hoe gaan we om met een ‘andere’ cultuur of kunst? Nu buikdans zo ‘in’ is zeker geen overbodige vragen.
Als danseres/lesgeefster begeef ik me sinds vele jaren op dit moeilijke maar zo verrijkende pad van ontmoeting en avontuur. Een kleine en persoonlijke impressie onderweg:

 

de vraag om authenticiteit

Artiesten die zich geroepen voelen een ‘exotische’ kunst te beoefenen en door te geven botsen onvermijdelijk op enkele grote vragen.

  • Hoe moeten we omgaan met een dans uit een andere cultuur?
  • Hoe moeten we onze liefde, respect, enthousiasme vertalen in dans?
  • Wat is eigenlijk de essentie van deze dans?

Wat is authenticiteit als je als westerling een oosterse dans beoefent? Je volledig inleven in de andere cultuur? Jezelf verliezen? Of moet je de dans ‘vertalen’ naar westerse waarden, ontdoen van al te exotische details? Of verder nog: mag je de dans ontdoen van haar culturele achtergrond en het bewegingspatroon ‘stelen’?

 

op zoek naar een ziel in ons lichaam

Oriëntaalse dans kent vandaag, zoals vele ‘exotische’ kunsten een enorm succes. Velen snakken naar wat nog ‘echt’ lijkt, eenvoudig, vanuit het hart, vitaal, geaard. Velen verlangen naar een cultuur waar de dans nog deel uitmaakt van het gewone dagelijkse leven, waar dans en muziek verbonden zijn met de ziel van de gewone mens.
Buikdans brengt mensen op een heel directe manier in contact met de aarde, met bezielde lichamelijkheid. Het is een feest van harmonie: tussen lichaam en ziel, tussen mens en samenleving. De dualiteit die ons westerlingen zo kwelt lost spontaan en onmiddellijk op in muziek en beweging, op een heel menselijk, bijna voor iedereen direct bereikbaar niveau. In de buikdans vinden wij opnieuw een thuis in ons lichaam, we’herontdekken’ als het ware onze eigen werkelijkheid. In de dans vinden we onze ziel. We ‘dalen’ in ons lichaam.

 

essentie en uiterlijkheden

Maar wat moeten we precies leren als we willen buikdansen? Wat maakt buikdans tot buikdans? Het bewegingspatroon, de ‘passen’, de richting van de energie, de wijze waarop de ruimte wordt gebruikt, de communicatie tussen dansers, de communicatie met het publiek, het verhaal/de emotie? En hoe belangrijk zijn aankleding, enscenering, concrete gebaren, tradities? Moeten we ons ook verdiepen in de culturele achtergrond, de taal? Er bestaat voor buikdansen geen canon, geen regels, geen eenduidigheid over de dansstijlen, energieën, bewegingen, betekenissen.
Hoever gaan we ons onderdompelen in betekenispatroon, bewegingen, cultuur? Zullen we ons volledig assimileren of gaan we een dialoog aan? Kiezen we wat ons bevalt en verwijderen we wat we niet begrijpen/aanvoelen/interessant vinden?

 

de dans verwestersen

Westerlingen zijn erg bedreven (al is het meestal onbewust) in het recupereren, het eigen maken van uitheems cultuurgoed. Omdat we moeilijk kunnen leven met wat we niet begrijpen, halen we ‘het andere’ naar ons toe, binnen ons betekenispatroon. Zo is westerse buikdans dikwijls een dansende vorm van Oriëntalisme. Op zich geen probleem zolang we daar bewust mee omgaan.
Een andere valkuil bij buikdansen is doelgerichtheid; de dans ten dienste stellen van je behoeftes, je ego: buikdansen om ‘in je bekken te komen’, te aarden, assertiever te worden, je vrouwelijke kracht te ontwikkelen, te schitteren... Dit gaat voorbij aan de artistieke essentie van de dans. Het stelt de nevenaspecten, datgene wat je krijgt als je de dans dient, als voorwaarde en doel bij het beoefenen ervan.

 

je verliezen in exotisme en anekdotiek

Het beoefenen van een dans uit een andere cultuur brengt onzekerheid mee over cultuur en bewegingsbasis. Het is vanuit die onzekerheid dat we ons soms vastklampen aan uiterlijkheden.
Die behoefte aan uiterlijkheden geldt niet alleen voor ons dansers, maar ook voor het publiek. Een westers publiek gaat dikwijls - vanuit haar eigen onzekerheid - af op het uiterlijk, en ziet het liefst een ‘exotisch’ ogende buikdanseres.
Sommige ‘wereldkunst-beoefenaars’ wijzen onbewust hun eigen cultuur af om de andere te omhelzen. Ze gaan volledig op in hun ‘nieuwe’ cultuur en verwelkomen elk nieuw gebaar, nieuwe mode, nieuwe stijl.
Sommigen bestuderen de dans met een zeer westerse grondigheid, elk detail moet precies en juist zijn, wat dan weer voorbijgaat aan de zo typische ‘zijnskwaliteit’ van de dans.
Hoe het ook zij: overdadige anekdotiek wordt gewoonlijk niet echt gewaardeerd, noch door een westers publiek (zij verkiezen meestal het origineel) noch door de originele beoefenaars: zij wensen niet nagebootst te worden.
Naar mijn gevoel is het zich verliezen in anekdotiek en uiterlijkheden net zo goed een vorm van recuperatie. Door alle aandacht te geven aan uiterlijke details ontstaat er een soort oriëntalistische poppenkast die de enorme diepgang van de dans verhult, voor toeschouwers én voor onszelf. Daardoor doen we zowel de dans als onszelf tekort.

 

een derde weg?

De term buikdans ontstond in de ontmoeting van westerse en oosterse cultuur en slaat vandaag hoofdzakelijk op de 'cabaret'-stijl, een synthese van westerse variété en traditionele Egyptische dans. De naam verwijst vaagweg naar een (tot de verbeelding sprekend) bewegingspatroon, en niet naar een cultuur. Het woord buikdans prikkelt de fantasie van het publiek, maar ook van de dansers zelf. Zo ontstaan nieuwe variaties, die misschien nog wel onder de noemer buikdans te vatten zijn, maar niet meer verbonden zijn met de Orient. In Amerika leidt buikdans al meer dan een eeuw een eigen leven, en is de draad die de dans met haar oorsprong verbindt stilaan behoorlijk dun geworden, vandaar dat vele nieuwigheden uit die hoek komen. De originele American Tribal Style (ATS) speelt op een haast geniale wijze in op behoeftes en vragen van westerse dansers. Alle onzekerheden en moeilijkheden die we bij buikdans tegenkomen worden handig omzeild. Allereerst is het bewegingsvocabularium vastgelegd: de dansbewegingen en combinaties zijn bepaald en hebben een naam, zelfs improvisatie verloopt via vastgelegde patronen. Ook de kledij krijgt een uniform karakter. De link met de oosterse cultuur is doorgesneden, in plaats daarvan krijgen we een heel aantrekkelijke ‘roots’-sfeer, een 'oerdans'-gevoel. ATS heeft buikdans van haar echte wortels ontdaan om er een prachtige maar zeer synthetische fantasiedans van te maken. De deur was meteen geopend voor Tribal Fusion, Industrial Belly Dance, Gothic Belly Dance, Vampieren-buikdans (echt waar) en alle mogelijke andere variaties. In al deze gevallen slaat de term buikdans enkel op een bewegingspatroon, dat dan in een bepaalde 'saus' wordt gedrenkt.
Een recente variatie is de zogenaamde 'gypsy belly dance', een fantasie-dans met etnische elementen, maar nauwelijks te vergelijken met de authentieke dansen van de Roma.

 

ontmoeting tussen culturen

Variaties als Tribal, Fusion, Gothic e.a. vinden hun essentie mijns inziens in het uiterlijke, de vorm, de techniek (danspassen) en de aankleding. Egyptische buikdans vindt haar essentie, haar wortels en haar ziel in een cultuur in de breedste zin van het woord.
Je verdiepen in de cultuurgebonden danstraditie brengt ook een toegang naar die andere cultuur, een grote verrijking.
Rijkdom ontstaat in de stiltes, in het echte luisteren naar elkaar. In een dialoog tussen twee culturen. Een echte dialoog tussen een westerling en een oosterse dans begint bij de erkenning van de eigen cultuur. Vanuit die erkenning kunnen we een andere cultuur ook als wezenlijk anders zien, ernaar luisteren, ermee praten, er ons door laten verwonderen, er ons in spiegelen. De ontmoeting wordt nog rijker als we blijven luisteren, de dialoog een dialoog laten zijn, waarbij we de andere niet naar ons toehalen, maar er ook niet door opgezogen worden.
In mijn ervaring zijn oosterse artiesten (lees: muzikanten) soms zeer enthousiast over westerse experimenten met ‘hun kunst’. Zij juichen een nieuwe wind toe zolang ze zelf niet 'buitengesloten' worden. Anderzijds zie ik hen een beteuterd kijken (alsof ze net bestolen werden) naar Tribal of andere variaties: ze zien de gelijkenissen, maar herkennen 'hun' dans niet.
Het is aan ieder van ons om bewust te kiezen, om met veel liefde, respect en schroom te werk te gaan. Wat mij betreft: de essentie van de dans en cultuur doorvoelen, mijn eigenheid bewaren, en het andere anders laten zijn, blijft mijn motto voor deze tocht.

 

Vera Van den Berghe

 
 
belly-thinking, mind-feeling / denken met de buik, voelen met het verstand
 
home | ©2006 Philip Demeester & Amana Dance Theatre